Extraorale oorzaken

Afhankelijk van de oorzaak onderscheiden we twee types halitose: de bekendste en meest voorkomende (90% van de gevallen) is van intraorale oorsprong.
Daarnaast bestaat er ook halitose veroorzaakt door factoren buiten de mondholte.

Slechte adem bestrijden: de tandarts is niet altijd de oplossing!

Wie zich zorgen maakt over een slechte adem kan naar de tandarts gaan – de centrale zorgverlener in zowel de diagnose als de behandeling van halitose.

Om de oorzaken van slechte adem te achterhalen legt de tandarts een vragenlijst voor en voert hij een volledig en nauwkeurig klinisch onderzoek uit van de zachte weefsels in de mond en de keel: tong, speekselklieren, tandvlees, …), de tanden, de vullingen en de mond- en tandhygiëne.

De tandarts voert een eerste analyse van het probleem uit met zijn of haar reukzin, aangevuld door metingen met een halimeter die het zwavelgehalte monitort door de aanwezigheid van vluchtige zwavelverbindingen en met behulp van gaschromatografie, een kwalitatieve en kwantitatieve techniek waarmee andere onwelriekende gassen gemeten worden.

In het overgrote deel van de gevallen kan met deze methode de orale oorsprong van de halitose gediagnosticeerd worden: aantastingen van het tandvlees zoals parodontitis (een ernstige aandoening die tot het verlies van het steunbeen van de tanden kan leiden) of tandvleesontsteking, dentale infecties, candidose (een soort schimmelinfectie), slecht onderhouden tandprotheses die voedselresten vasthouden, grote afzetting van bacteriën op de tong, slechte tandhygiëne, …

Op basis van de diagnose kan de tandarts dan een aangepaste oplossing aanraden.

Soms moet voor het opsporen van de oorzaak van een halitose echter de algemene gezondheidstoestand van de patiënt in aanmerking genomen worden. In zo’n 10% van de gevallen heeft halitose inderdaad een extraorale oorzaak en moet de patiënt dus verwezen worden naar de relevante specialist (NKO, gastro-enteroloog, soms zelfs een psycholoog).

Extraorale oorzaken

Oorzaken buiten de mondholte zijn vaak te zoeken in de neus, keel en oren (5 tot 8%) of in het spijsverteringsstelsel of andere gebieden die onder de algemene geneeskunde vallen (zo’n 2%).

Slechte adem met oorzaak in de luchtwegen

Alle NKO-aandoeningen kunnen slechte geurtjes in de mond met zich meebrengen. In de bovenste luchtwegen zijn de vaakst voorkomende oorzaken chronische amandelontsteking en chronische sinusitis, vooral bij oudere personen. Andere aandoeningen die slechte adem kunnen veroorzaken zijn vreemde lichamen in de neusholte, keelontsteking, allergische rinitis, …

Een speciaal geval is dat van cryptische amandelen – amandelen met zeer diepe holtes waarin zich een grote afzetting van dode cellen, voedselresten, bacteriën en dergelijke kan opbouwen die zichtbaar zijn als kleine wit- tot geelachtige bolletjes achterin de keel. De patiënt klaagt in dat geval over een witte en/of dikke tong of een “zware” tong. Deze minuscule korreltjes staan in de wetenschap bekend als ‘casea’ (enkelvoud ‘caseum’, het Latijnse woord voor kaas). Naarmate de casea verkalken, beginnen ze achterin de keel te rotten en een slechte geur te verspreiden. De oplossing? Een afspraak met de NKO-specialist die de amandelen zal reinigen met een mondspray die warm water spuit en/of een lang wattenstaafje doordrenkt met een antiseptische oplossing.

 

Deze techniek is onaangenaam omdat ze braakreflexen veroorzaakt, maar wel doeltreffend. In de ernstigste gevallen zal de specialist een laser gebruiken om het volume te verkleinen van de opgehoopte massa’s die achterin de keel echte broeihaarden van bacteriën vormen.

Slechte adem kan ook veroorzaakt worden door aandoeningen van de onderste luchtwegen, zoals bronchitis, longontsteking of een longabces.

Slechte adem met oorzaak in de spijsvertering

Lever- en nierziektes, diabetes en bepaalde diëten kunnen ook halitose veroorzaken.

Vermageringskuren of lang vasten geven een typische geur van azijnzuur aan de adem die doet denken aan fermenterende vruchten.

Ook een glutenvrij dieet is een vaak miskende oorzaak. In dat geval is halitose een van de symptomen van malabsorptie. Andere diëten die een slechte adem met zich mee kunnen brengen zijn zeer eiwitrijke diëten, die de zuurtegraad verhogen en zo meer onwelriekende vluchtige zwavelverbindingen produceren. Tot slot hebben enkele voedingsmiddelen en dranken (look, ui, paprika, curry, alcohol, koffie, …) een metabolisme dat stinkende vluchtige componenten genereert die door de bloesomloop naar de longen vervoerd worden.

Gastro-oesofageale reflux (maagzuur), geassocieerd met een defect van de terugslagklep tussen de slokdarm en de maag, kan halitose met zich meebrengen.

Andere extraorale oorzaken van slechte adem

Ook bij het gebruik van bepaalde geneesmiddelen (antidepressiva, neuroleptica, …) kan slechte adem voorkomen, door uitademing van hun stofwisselingsproducten zoals methaanthiol of omdat ze de mond uitdrogen door de speekselproductie te verminderen. We spreken dan van hyposialie of monddroogte.

Tot slot vermelden we nog een andere oorzaak, minder bekend maar toch verantwoordelijk voor 5% van de gevallen: de psychische gesteldheid van de patiënt die ervan overtuigd is dat hij/zij een slechte adem heeft terwijl dat niet het geval is. In dat geval spreken we over halitofobie, een bestaande psychosomatische aandoening.